Maattabel

Tip:
Om een dubbele check te doen, kunt u een passend kledingstuk opmeten. Het kledingstuk zal iets groter zijn dan uw maten.

Eenvoudig uw maat opmeten
Sta in een comfortabele positie en laat uw armen hangen, vraag iemand anders om hulp met opmeten indien nodig. Om uw maten namelijk goed te kunnen meten vragen wij u om het meetlint zo min mogelijk te verplaatsen op uw lichaam.

  1. Borst: Meet uw omtrek ter hoogte van het breedste gedeelte van uw borst.

  2. Taille: Meet de omtrek van uw taille (ongeveer 17 cm boven uw heupen)

  3. Heupen: Meet de omtrek om het breedste deel van uw heupen.

  4. Dijbeen: Meet de omtrek om het breedste deel van uw been.

Bij een product is de aangegeven lengte gebaseerd op een maat 50. Deze wordt gemeten vanaf de schouder voor bovenstukken en vanaf de broekband voor onderstukken. 

Maat:

46

48

50

52

54-56

58-60

1. Borst:

113-117

119-123

125-129

133-137

143-147

153-157

2. Taille:

93-97

99-103

105-109

113-117

123-127

133-137

3. Heupen:

116-120

122-126

128-132

136-140

146-150

156-160

4. Dijbeen:

71-73

74-76

77-79

80-82

85-87

90-92